Aan het college van burgemeester en wethouders Postbus 1 2370 AA Roelofarendsveen Roelofarendsveen, december 2007 Geacht college, Hierbij dien ik mijn zienswijze in op het voorontwerpbestemmingsplan Braassemerland, welke op dit moment ter inzage ligt. Het voorontwerpbestemmingsplan heeft tot doel om de bestemmingen van percelen in het gebied aan te geven en de daarbij behorende gebruiksmogelijkheden.. Ik ben belanghebbende als bewoner van Roelofarendsveen, en als persoon die graag en regelmatig in het gebied wandelt, fietst en in de polder vaart. Daarbij ben ik belanghebbende als betaler van gemeentelijke lasten in de gemeente Alkemade en draag daarmee mede een deel van het financiële risico dat de gemeente op zich neemt. Ik maak bezwaar tegen het grote aantal te bouwen woningen in het Braassemerland, en de onherstelbare schade die dit zal hebben op het dorpse karakter van Roelofarendsveen, en natuurhistorische waarde van Roelofarendsveen. Daarnaast heb ik mijn grote bedenkingen over de haalbaarheid van de plannen, en de financiële risico’s die ermee gepaard gaan. Het is te betwijfelen of het ooit zover zal komen dat in Braassemerland een woningbouwlocatie wordt aangelegd met de aangegeven dichtheden en hoogtes. De grond is te slap voor een woonwijk. De huizen zullen wel stevig op palen gebouwd gaan worden, maar alle wegen, voorzieningen, tuinverhardingen etc. zakken onherroepelijk weg in de slappe ondergrond. Vlakbij hebben we dat bij de HSL al zien gebeuren, en op kleinere schaal zien we dat dagelijks met onze wegen en erven gebeuren. Dat de ‘deskundigen’ niets hebben geleerd op dit terrein wordt door de HSL wel bewezen. Na de missers in bijvoorbeeld Amsterdam en den Haag met metro en tram, had men toch wijzer kunnen zijn. Ook hier kunnen we voorspellen dat eventuele aanleg van woonwijken en wegen, het doorsteken van dijken en het aanleggen van nieuwe havens gevolgen zal hebben voor de grondwaterstromingen en daarmee de stevigheid (of slapheid) van de ondergrond. Waar de kwel – die er nu al is – zich naartoe zal verplaatsen, is niet te voorspellen. Hoe de ondergrond barst en nieuwe (zoute?) kwel zal veroorzaken, is niet onderzocht. Welke risico’s voor het achterland samenhangen met het doorbreken van een eeuwen oude dijk is voor ons niet in te schatten. Zeker is wel dat ik niet met de gevolgen te maken wil krijgen. Voor delen van het uit te werken woongebied verwijst u naar een concept-masterplan dat nog ter inzage gelegd moet worden. Maar nu vast maakt u een voorontwerpbestemmingsplan en neemt u een zgn. proefverkaveling uit het concept-masterplan in de toelichting op. Het bestemmingsplan is dus niet geënt op vaststaand gemeentelijk beleid. Het is nog maar de vraag of de gemeenteraad het concept masterplan ooit zal vaststellen in de vorm zoals u dat wenst. Dan heeft dat weer consequenties voor dit bestemmingsplan. Omdat ik pas in later stadium bezwaar kan maken tegen het concept masterplan, moet ik dus nu vast bezwaar maken tegen het voorontwerp bestemmingsplan. In de proefverkaveling van het concept-masterplan zijn appartementencomplexen opgenomen die ‘vanwege het landelijke karakter’ niet hoger mogen zijn dan 6 verdiepingen. Deze complexen, van circa 18 meter hoog, kan ik niet landelijk noemen. Zeker niet als deze worden opgericht nabij het water of in de achtertuin van particuliere huizen. De appartementencomplexen zullen een grote overlast opleveren in de zin van schaduw, horizonvervuiling en aantasting van het landelijk karakter van Roelofarendsveen en de Braassemermeer. Tenslotte maak ik bezwaar tegen de hoge woondichtheden die u in het bestemmingsplan voorstelt. In Westend gaat u uit van gemiddeld 40 woningen per hectare, in Centrum en Lagune van 50 resp. 55 woningen per hectare en in Binnenhaven zelfs van ongeveer 70 woningen per hectare! Dat is meer dan het dubbele van een VINEX-wijk! VINEX-wijken, met gemiddeld 30 woningen per hectare, worden al algemeen beschouwd als te dicht bebouwd, en daar gaat u nog eens dik overheen. Dit zal niet leiden tot een aantrekkelijk leefklimaat, zoals beoogd. Eerder zal dit leiden tot burenirritaties en gebrek aan gemeenschappelijkheid. Mogelijk leidend tot vervuiling, verloedering en achterbuurtsituaties. In ieder geval hangt een dichte bebouwing onomstotelijk samen met ongunstige sociale woonomstandigheden. Ik maak bezwaar tegen het creëren daarvan in ons Roelofarendsveen. Hoogachtend, (Naam)